Cant in slotfase net iets sterker dan Worst

Cant in slotfase net iets sterker dan Worst

Na Zonhoven en Diegem heeft Sanne Cant in Hoogstraten een derde opeenvolgende overwinning geboekt in de Superprestige Ladies Trophy. Annemarie Worst, haar enige echte concurrente voor de eindzege, werd tweede. De wereldkampioene verdedigt komende zaterdag in Middelkerke een voorsprong van amper twee punten op de Europese titelhoudster.

Na een gemiste start dook Cant op een verre positie het veld in, maar die scheve situatie zette de wereldkampioene snel en schijnbaar moeiteloos recht. In het gezelschap van haar grote concurrente Worst kwam ze na de openingsronde al als leidster door aan de finish. Op korte achterstand volgden Loes Sels en Ceylin del Carmen Alvarado, Ellen Van Loy en Inge van der Heijden vormden een volgend duo.

Cant ging de materiaalpost binnen om op rhino’s verder te gaan en daardoor kon Worst even wat afstand nemen, maar al snel werd het duo herenigd. Ook Sels leek op weg om aan te sluiten, tot ze met het stuur achter een lint bleef haperen en kostbare seconden verloor. Zij kreeg even later het gezelschap van de oprukkende Denise Betsema en Alvarado.

Worst draaide op haar beurt de materiaalpost in, kon vervolgens nog even aanpikken, maar op het einde van de derde van vijf ronden kwam er toch lichte afscheiding in het voordeel van Cant. De Europese kampioene weigerde echter te kraken, naderde meter na meter en na een knieval van Cant kwamen ze andermaal samen. Betsema was ondertussen ook genaderd tot op een zevental seconden.

Cant toonde in de slotronde dat ze nog steeds over de conditie van het WK beschikt en reed andermaal weg van Worst. Het verschil bleef echter heel klein, waardoor de wereldkampioene zich geen enkel foutje kon veroorloven. Dat kwam er ook niet meer en dus pakte Cant haar tweede overwinning van het weekend.

Cant: “De start was een rampscenario”

“De start was een rampscenario”, zei Cant achteraf. “Ik had een probleem om in mijn pedaal te klikken en dat kostte me heel veel plaatsen. Gelukkig vond ik op het eerste bergje het perfecte spoor, waardoor ik meteen weer kon opschuiven naar plaats acht of tien. Anders zou het een wel heel lange achtervolgingsrace zijn geworden. Nu kon ik vervolgens vrij snel tot bij Annemarie rijden. Ik heb dan enkele keren geprobeerd om het verschil te maken, maar bij elk klein foutje verloor ik weer die kleine bonus. Zo ook bij mijn knieval op het einde van de voorlaatste ronde. Nu had ik wel al gemerkt dat ik vooral in de tweede helft van het parcours iets beter was, ik had dus nog voldoende tijd om andermaal en nu definitief het verschil te maken.”

Foto’s: ©Photopress.be/Tekst: Filip De Greef



twitter#superprestige